- Rubramoena Cf. sp.

Length

5mm

Karakteristieke kenmerken

Zeer kleine slak. Volwassen dieren van circa 5 mm met ongeveer 30 cerata. De voorste cerata staan in vier clusters en vormen twee symmetrische dwarsrijen. In de voorste rij staan kortere en minder cerata dan in de tweede rij. De achterste cerata staan door een kale band op de rug gescheiden van de voorste clusters en lijken één onregelmatig cluster te vormen. Rhinoforen met vier banden: de top is wit, daar onder een vage bruine pigmentband, een witte band en aan de basis een semitransparante band.

Andere kenmerken

Slanke, kleine slak. Vlak achter de rhinoforen staan geen cerata. Rhinoforen en koptentakels zijn ongeveer evenlang. Een slanke spitse staart zonder cerata. De hoeken van de voorzijde van de voet zijn gelobd en steken halfcirkelevormig zijwaarts uit.

Te verwarren met

Alle andere kleine Fionidae, die echter allemaal meestal op hun prooi (hydropoliepen) worden aangetroffen. En groter dan 5 mm worden met veel meer dan 30 cerata of ongeveer 5 mm maar dan met minder dan 30 cerata.

Kleur

Lichaam is semitransparant wit. Circa 2/3de tot 3/4 van de lengte van de cerata is gevuld met onregelmatig licht- tot donkerbruin gekleurde middendarmkliervertakkingen. Op de rug is de middendarmklier onderhuids zichtbaar als bruine banden die de clusters met cerata verbinden. Vlak daar boven een onregelmatige ring van witte pigmentstippen. De top van de cerata is semitransparant wit en de grijze cnidosac is onderhuids zichtbaar.  Een vage dunne ring met witte pigmentstippen vlak onder de top van de cerata. Over het gehele lichaam talloze witte pigmentstippen, maar minder op de staart. Aan de basis van sommige cerata vaak donkerbruine of zwarte pigmentstippen.

Eiersnoer

Er is mogelijk slechts één eiersnoer aangetroffen in juni 2021 bij Wolphaartsdijk, Veerse Meer. Dit was een cluster van korte ronde snoertjes met witte embryo's.

Voedsel

Alle knots- en knuppelslakken eten hydropoliepen. Echter wat de specifieke prooisoort van deze zeenaaktslak is, is nog niet bekend.

Seizoen-trends

Te weinig waarnemingen. Alle waarnemingen zijn van mei t/m juli. Mogelijk kan de soort tenminste het gehele voorjaar en de zomer worden waargenomen. Tot nu toe is het enige mogelijke eiersnoer van deze soort is in juni aangetroffen. Mogelijk kunnen de eiersnoeren vooral in het late voorjaar en de zomer worden aangetroffe. In het midden van augustus 2021 zijn er Wolphaartsdijk nog maar een klein aantal dieren aanwezig. Dit lijkt het einde van het seizoen voor deze soort te zijn. 

Verspreiding Nederland

Eerste Nederlandse waarneming van een exemplaar in mei, 2017, bij Goudswaard, Oosterschelde. Daarna pas weer in 2021 in juni bij Anna-Jacobapolder in de Oosterschelde, bij Dreischor, Bommenede, Den Osse en Herkingen in het Grevelingenmeer en massaal bij Wolphaartsdijk, Veerse Meer. Alle waarnemingen zijn van bovenop de roodwierzone: circa 0.5-3.5 m. diep.

Verspreiding Europa

Er zijn geen waarnemingen bekend van buiten de Zeeuwse Delta.

Opmerking

Deze knotsslak is nog niet beschreven in de wetenschappelijke literatuur. Het lijkt enigszins op Trinchesia albopunctata: een soort die alleen bekend is van het eiland Ischia in de Golf van Napels en een klein gebied aan de Spaanse kust van Palamós tot l'Escala. Echter na consultatie met diverse experts zijn we er achter gekomen dat het zeer waarschijnlijk een nog onbeschreven Rubramoena soort is.
Witgestippelde knotsslak
Witgestippelde knotsslak
Eggs
Witgestippelde knotsslak
Foodname (Scientific):
Witgestippelde knotsslak
Total observations per year
Total observations
Divespots